Tijdens de verbouwing van het Westfries Museum in Hoorn wordt in het depot intensief gewerkt aan de herwaardering van de collectie. Eind februari vond daar een bijzonder onderzoek plaats naar twee zeldzame zestiende-eeuwse slagzwaarden.
Onderzoek door het Nationaal Militair Museum
Conservatoren Jeroen Punt en Casper van Dijk van het Nationaal Militair Museum bevestigden dat beide zwaarden authentiek zijn en dateren uit de tweede helft van de zestiende eeuw. Eén van de zwaarden draagt een merkteken dat wijst op productie in Solingen, destijds een toonaangevend centrum van wapensmeedkunst.
De zwaarden vertonen duidelijke gebruikssporen: inkepingen in de snede en slijtage aan de zijkanten. Volgens de onderzoekers zijn dit overtuigende aanwijzingen dat de wapens daadwerkelijk in gevechten zijn gebruikt en geen louter ceremoniële pronkstukken waren.
Imposante wapens voor gebruik te voet
In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, werden deze grote slagzwaarden niet door ridders te paard gehanteerd, maar door infanteristen te voet. Het gebruik vereiste kracht, techniek en voortdurende beweging om het zware wapen effectief boven het hoofd te kunnen hanteren — mogelijk ook tijdens gevechten op schepen.
Het staal waarvan de zwaarden zijn gemaakt was kostbaar en technisch moeilijk te verwerken. De smeedtechniek moest ervoor zorgen dat het blad buigzaam genoeg was om niet te breken bij impact, maar tegelijk sterk genoeg om zware slagen te weerstaan. Juist die combinatie maakt dit type wapen uitzonderlijk.
“Ferrari onder de wapens”
Wereldwijd zijn slechts enkele tientallen van dit type slagzwaard bewaard gebleven; in Nederland naar schatting hooguit vijftig exemplaren. De onderzoekers omschrijven ze daarom als de “Ferrari onder de wapens” — vanwege het hoogwaardige staal, de zeldzaamheid en de kwaliteit van afwerking.
Opmerkelijk is dat beide zwaarden nog hun originele handvatten bezitten.
-
Eén exemplaar heeft een leren greep met eenvoudige decoratie.
-
Het andere zwaard was bekleed met rood fluweel en heeft een rijk versierde pareerstang en sierlijke pommel.
Resten van een troetel (franje) zijn bij beide wapens zichtbaar. Vooral het rijk uitgevoerde exemplaar wijst mogelijk op gebruik door een vooraanstaande edelman.
Het zwaard van Bossu?
Er wordt onderzocht of de zwaarden mogelijk verband houden met Maximiliaan van Hénin-Liétard, de Spaanse vlootvoogd die in 1573 werd verslagen tijdens de Slag op de Zuiderzee bij Hoorn. Volgens overlevering zouden wapens als oorlogsbuit zijn meegenomen na deze zeeslag.
Om de herkomst verder te onderbouwen, willen onderzoekers onder meer met een XRF-meter de chemische samenstelling van het metaal analyseren — het ‘DNA’ van het staal — en aanvullend archiefonderzoek verrichten.
Museum dicht, verhaal blijft
Het Westfries Museum blijft tot medio 2027 gesloten wegens renovatie. Intussen wordt het verhaal van Hoorn en West-Friesland verteld via onder meer “Ontdek het verhaal van Hoorn” aan de Nieuwstraat en educatieve activiteiten in de Museumwerkplaats in de Boterhal.
De resultaten van het zwaardonderzoek krijgen bij de heropening een plek in de vernieuwde presentatie — waarmee mogelijk een tastbare link wordt gelegd tussen de collectie en een cruciaal moment uit de Nederlandse Opstand.








